Schilderijen

Tekst

Ongedwongen verkenning

Leeuwarder Courant, 1 juli 2011

Drachten – E.M. Galerie
Heideanjer 8b, tot en met 16 juli,
vrijdag en zaterdag 13-17 uur,
prijzen €130-€1450,
www.emgalerie.nl

De Drachtster verzamelaars Klaas en Alie Brandsma hebben in de loop der jaren een collectie eigentijdse beeldende kunst opgebouwd, die uit bijna tweehonderd werken bestaat. De E.M. Galerie laat hieruit een selectie zien en brengt daarnaast nog een kleine presentatie met werken voor de verkoop van kunstenaars uit de eigen stal. Paul Corvers, Fons Hoiting, Eliza Kopec en Johan van Aken zijn in beide onderdelen vertegenwoordigd. De eenentwintig werken die beneden hangen, kunnen inhoudelijk natuurlijk nooit een representatieve dwarsdoorsnede zijn van de gehele collectie, maar dit voorproefje smaakt vooral naar meer. Er is een interessante combinatie te zien van Nieuwe Figuratie (Yvan Theys, Etienne Elias, Alphons Freijmuth), lyrisch abstract expressionisme (Wim Izaks), CoBrA-achtige vormentaal (Jan Cobbaert) en hedendaags constructivisme (Henk van Trigt). Het meeste werk is tweedimensionaal, afgezien van een bronzen beeld van Theys en een intrigerende kubus met een glazen binnenkant van Eliza Kopec, waarin geblokte vormen door de spiegeling eindeloos worden herhaald. Het werk heet ‘Big city’ en heeft die bijzondere mengeling van originaliteit en schoonheid, die zo kenmerkend is voor haar werk.

In de bovenzaal hangen meerdere werkjes – al te bezitten voor een paar honderd euro! – die een ongedwongen verkenning zijn van vorm, kleur en materiaal. Kopec schildert op glasplaten, lijst deze omgekeerd in en speelt zo met afstand en diepte. Transparante vellen worden ingezet om coulissewerking na te bootsen. Vorm en restvorm zijn in haar werk even belangrijk, wat een evenwichtige dans oplevert tussen beeldende hoofd- en bijzaken.

In dezelfde ruimte is een hele wand ingericht met fraaie werken van Paul Corvers. De schilderijen zijn een zuivere registratie van landschappelijke elementen die tot hun kern zijn gereduceerd. Een wereld van scheppen, schaven en schrappen. De kunstenaar trekt zichtbare sporen in de verf en betreedt de landschappen even vastberaden als voorzichtig. Niet om te verstoren, alleen om vast te leggen.

S.V.D.B.

Interview Studio Critical, 19 april 2011

What are you working on in your studio right now?

I am currently working on several canvases at the same time: a few small paintings and a number of bigger works. One of these is a 50 centimetres high by 180 centimetres wide horizon which I have been working on for a while already. It is progressing steadily.

Can you describe your working routine?

I do not really have a routine. I hardly ever work at regular times. Only when I arrive in my studio, do I decide what I am going to do. I may continue with canvases that I have already been working on, but sometimes it is better to let a painting rest/mature, give it time, and take some time myself. In that case, I may start with a fresh painting or do preliminary work like preparing or mounting canvases, or making panels.

Can you describe your studio and how, if at all, that affects your work?

I have an average size studio: it covers 50 square metres (10 by 5 metres) and is 4.25 metres high. Two large windows facing north provide me with beautiful filtered light; no sharp sunlight with cast shadows etc. The space is suffused with tranquillity. That is what I need to be able to work, to distance myself from the issues of the day. I have been working here for more than ten years now. Unfortunately, in one and half years time I will have to move out.
My present studio has definitely had a great impact on my work. My previous studio was a garage from which finished work had to be replaced to a storage space as soon as possible to be able to start with new paintings. Fortunately, my present studio offers the opportunity to have my work around me for a longer period of time. This is important because sometimes looking is better than working. You start asking yourself questions like: Did I make the right choices? Am I sure, and why? The proximity of the paintings that preceded the present work helps to create a dialogue. It clarifies the steps I have taken, confirms my decisions, gives incentives or raises questions.
The calmness and space of my studio are the most important pillars of my work. Since the moment I have rented this studio, my work has developed more explicitly in the direction of serenity. The landscape elements that were already present in my work have received an increasingly prominent role.

Tell me about your process, where things begin, how they evolve etc.

I generally start from a concrete idea. This idea is usually connected to things that I am working on or that keep me busy, and is often landscape related. My inspiration is frequently sparked by little pencil sketches — often not much bigger than a matchbox — based on observations that I have made in the countryside. I also make sketches from photos I have taken. Sometimes it is a combination of these things. There are many of such little drawings in my studio. I often flick through them when I want to start working on a new painting. Once I am working, I let myself be influenced by what happens; the next steps usually present themselves automatically. If not, then I just give it some time.

What are you having the most trouble resolving?

That is a difficult question to answer. Of course, difficulties often arise, but in the end there is always a solution.

Do you experiment with different materials a lot or do you prefer to work within certain parameters?

I usually work with paint on canvas or panel. I rarely use paper as a ground. The choice of the paint has a great influence on my work and depending on what I want to make/achieve, I choose acrylic, egg tempera, or oil paint. In the past I used to work primarily — for practical reasons — with acrylic, which is ideal for creating strongly diluted layers. However, the risk is that it turns out too much like plastic. That is the one of the reasons why I started using less acrylic paint. I prefer oils and egg tempera now because of their possibilities and the skin of the paint. Theme and material go together, and my current work asks for these kinds of materials.

What does the future hold for this work?

Nobody knows what the future holds; not for my work and not for myself. I would like to follow the path I am on at the moment and continue my journey, in search for new horizons.

Is there anything else you would like to add?

I really enjoyed taking part in Valerie’s initiative. I hope the readers of this article took pleasure in reading it, and might have learned something from it, maybe to go and see visual arts more often and — most of all — to take their time to appreciate it.

Intuïtieve selectie

Leeuwarder Courant, 15 oktober 2010

Drachten – EM Galerie
De EM Galerie bestaat tien jaar en dat wordt gevierd met twee exposities, waarvan de eerste net is geopend. Uiteraard is dat een groepstentoonstelling geworden met kunstenaars die eerder door de galerie werden gebracht. Van ieder van hen zijn twee (of meer) werken te bezichtigen: één die deel uitmaakte van een eerdere expositie en een recent werk.
Zo wordt niet alleen de ontwikkeling van EM onder de aandacht gebracht, maar is er tevens ruimte om te reflecteren op de veranderingen die het werk heeft ondergaan. Er zijn opvallend veel internationale kunstenaars te zien zoals Mishig Togooch (geboren in Mongolië, sinds 1998 woonachtig in Nederland), Roman Romanyshyn (Oekraïne), Claudia Reimann (Duitsland) en Pools-Nederlandse kunstenaars als Magdalena Jesionek, Krystyna Piotrowska, Aldona Stachowska en Halina Zalewska. Galeriehoudster Elzbieta Middel koos intuïtief voor de huidige selectie en heeft ook geen chronologie aangehouden. Objecten, glas, keramiek en installaties werden bewust niet opgenomen. Alle getoonde werken zijn tweedimensionaal, afgezien van een prachtig houten beeld van Gert Sennema. Het staat boven in de galerie, in een ruimte die verder wordt bevolkt door schilderijen van onder anderen Leo de Jong en Sylwester Lachacz. De onbevangen tekeningen van Rienold Postma – daar ook te zien – worden gekenmerkt door een genadeloze lijnvoering die met een losse tekenhand is neergezet. Intrigerende werken zijn het, alledrie. Waarbij gezegd moet worden dat de echo van Benner bij de twee paardjes (‘Jonge Friese hengst bij merrie’) duidelijk doorklinkt. Een hommage wellicht?

Beneden worden nieuwe schilderijen – en een tegeltje – getoond van Fons Hoiting naast tekeningen van Zoltin Peeter. Op een andere wand is de combinatie van Ina Kooper  intrigerende menselijke abstracties) en Paul Corvers (veelzijdige, gelaagde landschappen) bijzonder fraai. Ondertussen laat Roel Sanders een duidelijke ontwikkeling zien in zijn werk. Op een groot schilderij wordt getoond waar hij bekend mee is geworden, namelijk menselijke figuren zonder gezicht. Gelaatstrekken zijn niet afgebeeld, waardoor de houding bepalend wordt voor het lezen van iemands karakter en/of stemming. In het huidige werk van de kunstenaar heeft het hoofd het lichaam verlaten. Het is als een los element aanwezig in collages en tekeningen. Nog steeds is alleen de vorm getekend en niet letterlijk de inhoud. Maar figuurlijk gezien is het werk (inhoudelijk) sterker dan ooit.

SUSAN VAN DEN BERG

Kunstenaars uit Den Bosch in E.M. Galerie

Leeuwarder Courant, 29 mei 2009

In de tentoonstelling ‘Uit Den Bosch…’  laten vijf uiteenlopende kunstenaars uit ’s-Hertogenbosch zien wat ze waard zijn. En dat is veel. De meest bekende van het stel is ongetwijfeld Toon Laurense (1958), wiens werk door meerdere musea is aangekocht. Zijn doeken geven blijk van een intrigerend vorm- en verfonderzoek, waarbij strakke vlakken en gul gesmeerde verflagen elkaar geraffineerd afwisselen. Hij werkt met een paletmes of een brede schilderskwast, waarmee hij de verf bijna boetseert. Soms zijn er verwijzingen naar landschappen door dubbele horizonnen of verflagen die samen voortbewegen als rollende golven, maar het geheel blijft altijd suggestief.

Zijn vrouw Maartje Frenken (1961) gaat figuratiever te werk. Ze bouwt haar voorstellingen op met transparante, sterk verdunde verf. De aanzet is bijna vormeloos, de details volgen later. Volgens eigen zeggen houdt ze van ‘de ontroering van het dagelijks leven’, wat onder meer tot uiting komt in goedmoedige schilderijen over huiselijke taferelen van haar kinderen of de hond. Hoewel haar betrokkenheid altijd voelbaar is, neemt Frenken als schilder genoeg afstand om iets interessants neer te zetten. Hoogtepunt is ‘Jongen met beer’, waar in zachte kleuren (roze, geel en wit) de band wordt bezongen tussen een kind en zijn knuffel. Met gevoel, maar zonder sentiment.

Het werk van Paul Corvers (1953) was vorig jaar al eens in de galerie te zien. Zijn ingetogen landschappen worden gekenmerkt door een aandachtige achteloosheid. Ies Schute (1956) werkt op verschillende formaten met gemengde technieken. De voorstellingen zijn verhalend zonder iets uit te leggen. Het enige driedimensionale werk in de tentoonstelling is een opvallende installatie van Jan de Bie. In zijn bouwsel verwerkte hij foto’s, schetsen, beschilderde panelen en bewerkte blokken van zijn eigen houtsneden. Het resultaat is een raadselachtige duiventil van verschillende verdiepingen met geheime openingen, verschillende uitsparingen en een bijzonder binnenwerk dat nog het meest doet denken aan een kruising tussen een kijkdoos en een poppenhuis. Zelden heb ik iemand zo letterlijk een wereld zien bouwen met zijn eigen werk.

SUSAN VAN DEN BERG

Minimale verbeeldingen van het landschap

De Gelderlander, donderdag 25 september 2008

Werk van Paul Corvers, te zien in het Koningskerkje in Vierlingsbeek.

In het Koningskerkje in Vierlingsbeek worden vanaf aanstaande zondag schilderijen geëxposeerd van de Bossche kunstenaar Paul Corvers. Het werk is te zien tot en met 26 oktober.

Corvers is een kunstenaar die op een eigenzinnige wijze landschappen schildert. Al sinds de zestiende eeuw is het landschap een universele bron van inspiratie voor kunstenaars. Het heeft zich sindsdien ontwikkeld tot een autonoom genre binnen de beeldende kunsten.

Er is een flinke dip geweest in de landschapsschilderkunst door de opkomst van de abstracte schilderkunst in de twintigste eeuw. Ook in daarna volgende kunststromingen was er maar een bescheiden plaats voor het landschap. Maar het is nooit helemaal weggeweest.

Corvers volgt, in een periode waarin de eigentijdse beeldende kunst alle denkbare richtingen op kan gaan, wars van al deze ontwikkelingen zijn eigen weg. En dat heeft hem bij de landschappen gebracht.

Voor Corvers ontstaat de kiem van het landschapsschilderij tijdens zijn wandelingen door de natuur. De opgedane indrukken worden mee naar huis genomen en dan begint de zoektocht waarlangs hij ten slotte uitkomt bij de schilderijen die hij maakt. In zijn tocht draait het om de vraag hoe hij tot die ene, kernachtige verbeelding van zijn indrukken uit de natuur kan komen. Deze weg brengt hem tot het schilderen van doeken waarin de landschappen worden teruggebracht tot minimale verbeeldingen van akkers, weilanden, bomen, wolken, wateroppervlaktes. Zo komt het dat het abstracte, soms het figuratieve de boventoon voert in zijn schilderijen. De tentoonstelling in het kerkje wordt zondagmiddag om drie uur geopend. Bij de opening wordt een muziekstuk ten gehore gebracht dat gecomponeerd is door Aike Jeucken.

De verbeelding van het wezenlijke

Openingstekst expositie Koningskerkje Vierlingsbeek door Wil Friesen 28 september 2008

Paul Corvers schildert landschappen. Dat is op zichzelf beschouwd niet zo bijzonder. Al sinds de zestiende eeuw worden er landschappen geschilderd. Wat het bijzonder maakt is de manier waarop hij dat doet.

Bij Paul Corvers wordt de kiem voor zijn schilderijen gelegd tijdens wandelingen in de natuur, in binnen- en buitenland. Indrukken uit de natuur zijn altijd rijk aan een grote diversiteit van schakeringen. Kleur, geur, geluid, licht, vorm zijn allemaal elementen die bepalend zijn voor de indruk die je ondergaat. Dit veelomvattende van de natuur, en ook van het landschap in de natuur, staat in sterk contrast met de schilderijen van Paul Corvers. Hij gaat op een sobere manier met vorm en kleur om. Er staat niet veel op zijn schilderijen. En wat er op staat is niet zoals het in werkelijkheid geweest moet zijn.

De schilderijen van Paul Corvers zijn het resultaat van, zoals hij het zelf zegt, een zoektocht naar de essentie van zijn beleving. Hij zoekt naar de betekenis van wat voor hem de kern is uit de overvloed van indrukken die de natuur hem biedt.
De landschappen van Paul Corvers zijn heel direct. Op een heldere manier confronteert hij de toeschouwer met een fragment uit de natuur. Hij hanteert een minimale, maar krachtige vormentaal waarmee de kern van zijn beleving als het ware uitvergroot op het doek wordt verbeeld. De ene keer zijn dat ijle boomstammen, de andere keer is het een waterspiegeling, een wolkenpartij of nevelslierten in een bos.
Of het schilderij nu groot of klein van formaat is, hij doet er alles aan om de aandacht uitsluitend en alleen te vestigen op datgene wat hij tot de kern van zijn indruk heeft verklaard. Misschien zijn z’n werken daarom ook vrijwel overwegend zonder titel. Slechts bij uitzondering krijgen zijn schilderijen een titel die dan ook niets te raden overlaat: “Waterkant” of “Boom”. En zo gaat alles in de richting van dat ene, waar volgens de schilder het wezenlijke ligt.

In zijn schilderijen balanceert Paul Corvers tussen figuratief en abstract.
De manier waarop hij werkt, steeds zoekend naar de kern van zijn beleving, lijkt hem als vanzelf tot een meer abstracte verbeelding te brengen. Toch wil hij de binding met het figuratieve niet loslaten. De oorspronkelijkheid van het realistische beeld uit de natuur geeft hem de impuls om te visualiseren. De verbondenheid met de realiteit versterkt bij hem het verlangen om de essentie van zijn natuurbeleving op het doek te verwezenlijken. Het ondersteunt hem ook in zijn streven om de grenzen van zijn verbeeldend kunnen af te tasten, te verleggen.

De schilderijen van Paul Corvers zijn stil. Zwijgend vertellen zij hun verhaal in een heldere, directe beeldtaal.
Luister naar het stille relaas van de werken van Paul Corvers in de sacrale ingetogenheid van het Koningskerkje…

Leeuwarder Courant

door Andre Heikes, mei 2008

DRACHTEN – De nieuwe wereld van open grenzen, onderlinge kruisbestuiving tussen volkeren en culturen, van globalisering dus, is te herkennen in het werk dat de jonge Mongoolse kunstenaar Mishig Togooch dit voorjaar exposeert bij E. M. Galerie in Drachten.
Hij en de Brabantse schilder Paul Corvers zijn de eerste exposanten na de verhuizing van de galerie van Kollum naar Drachten.

………Boven hangen de sobere en krachtige, maar toch gevoelige schilderijen van Paul Corvers. Landschappen met grote aandacht voor details, die bij hem de hoofdrol mogen spelen. Zo worden takken, wolkenflarden, stukken boomstam, vlaktes en waterspiegelingen intrigerende contrasten en ritmes in acryl, eitempera en caseïneverf op doek, paneel en board. Geen werk heeft een titel. Die zouden ook afbreuk doen aan de vrijheid van degenen die met Corvers ‘meekijken’. Hier moet je juist iets terugvinden van de onbenoembare beleving van natuurlijke omgevingen, bijvoorbeeld als je probeert tegen de zon in te kijken of als je je opeens realiseert dat je volkomen stilte hoort.